Luchtvervuiling: een ernstig probleem

 

Luchtvervuiling is de laatste tijd weer volop in de belangstelling gekomen. Vroeger was het een zuiver Nederlandse kwestie; nu gelden de Europese normen van het besluit luchtkwaliteit...

Het is een ingewikkelde materie die we zo duidelijk mogelijk proberen uit te leggen.

Hoe schadelijk is luchtverontreiniging eigenlijk?

We zetten een paar feiten over luchtverontreiniging voor u op een rijtje:

Wie langs een drukke weg woont heeft tweemaal zoveel kans om te overlijden aan hart- en vaatziekten of een longaandoening.
In de zomermaanden wordt stikstofoxide (NOx) omgezet in ozon (O3). Dit kan de luchtwegen schaden.
Met name fijn stof (PM10) is bijzonder schadelijk voor de gezondheid. Hoe kleiner de deeltjes, des te dieper ze in de longen kunnen doordringen. Vooral astmapatiënten hebben er last van. Het Milieu- en Natuurplanbureau heeft voor het Ministerie van VROM berekend dat er bij overschrijding van de grenswaarde voor fijn stof jaarlijks 18.000 personen 10 jaar eerder sterven.

De wetgeving

Sinds de inwerkingtreding van de Wet inzake de luchtverontreiniging (1972) zijn er maatregelen genomen om de uitlaatgassen van auto’s te zuiveren. In 1999 nam het de Europese Commissie het stokje over en kwam zij met een eigen richtlijn. Het Nederlandse Besluit Luchtkwaliteit (2001) is op die Europese norm gebaseerd. Hierin staat dat de lidstaten zich in 2010 moeten houden aan de strenge Europese regels voor luchtkwaliteit. Op dit moment voldoet ons land aan de emissienormen voor lood (Pb), koolmonoxide (CO) en zwaveldioxide (SO2). Deze problemen lijken dus grotendeels opgelost. Maar bij stikstofoxide en fijn stof is dit nog niet het geval.

Welke normen gelden er voor stikstofoxide en fijn stof?

We noemen de twee belangrijkste uit het Besluit Luchtkwaliteit:

De grenswaarde: dit is een vaste norm van de Wereld Gezondheids Organisatie (WHO). De grenswaarde voor stikstofoxide een jaargemiddelde van 40 microgram/m3 moet in 2010 gehaald worden. Bij fijn stof moet de grenswaarde (een jaargemiddelde van 40 microgram/m3)  reeds in 2005 van toepassing zijn.
De plandrempel: een stappenplan waarbij de actuele normoverschrijding elk jaar stukje bij beetje wordt teruggedrongen zodat na verloop van tijd de officiële grenswaarde wordt gehaald.

Wat komt er in de praktijk van het beleid terecht?

De Europese normen voor stikstofoxide en fijn stof worden in Nederland bij lange na niet gehaald. Met name bij fijn stof schiet de aanpak tekort. De grootste knelpunten in ons land zijn de hoge bevolkingsdichtheid, het uitgebreide wegennet en het intensieve autogebruik. De politiek heeft hieruit echter nog geen consequenties getrokken.

Laissez faire nieuwe stijl

Vroeger beschouwde Nederland zichzelf als ‘gidsland’ in het milieubeleid. Die tijd is voorbij. In het huidige regeringsakkoord is voor het eerst een passage opgenomen dat Nederland niet verder mag gaan dan de Europese aanpak. Ook al werd het land steeds voller en namen de files (en dus ook de luchtvervuiling) jaarlijks toe, het overheidsbeleid veranderde in de praktijk niet of nauwelijks. In de Nota’s ‘Ruimte’ en ‘Mobiliteit’ (beide uit 2004) werd alle ruimte gegeven voor economische expansie, de aanleg van nieuwe woonwijken, industrieterreinen en spitsstroken op snelwegen. Milieu werd een sluitpost in het regeringsbeleid.

Regering voor ‘soepel’ beleid…

Al geruime tijd voeren gemeenten in Den Haag een intensieve lobby om creatief met de Europese luchtkwaliteitsnormen om te gaan zodat hun eigen bouwplannen konden doorgaan. Politiek Den Haag was hen telkens goedgezind. Een duidelijk voorbeeld is de circulaire van staatssecretaris Van Geel van het ministerie van VROM (september 2004) waarin hij voorstelde om de Europese luchtkwaliteitsnormen slechts ten dele toe te passen. Volgens de bewindsman zou het hierbij in eerste instantie moeten gaan om gezondheidsaspecten, niet zozeer om het milieu als zodanig: dat was zijns inziens een kwestie voor de langere termijn. Luchtkwaliteitsnormen in bestemmingsplannen zouden uitsluitend van toepassing mogen zijn op ‘gevoelige bestemmingen’ zoals woningen, crèches, ziekenhuizen, scholen en sportterreinen. Voor kantoren en bedrijventerreinen zouden lichtere normen moeten gelden. En voor naoorlogse stadsvernieuwingswijken zou de plaatselijke overschrijding van de luchtkwaliteitsnormen gecompenseerd moeten worden door verdichtingsbouw op gunstiger gelegen plekken elders in de buurt. 

…maar de Raad van State ligt voortdurend dwars

De Raad van State accepteerde deze vrije interpretatie van het ministerie van VROM en de lagere overheden echter niet en stelde zich principieel op: volgens de Raad behoren de Europese luchtkwaliteitsnormen overal in Nederland te gelden. In beroepsprocedures maakte de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad dan ook herhaaldelijk korte metten met allerlei bestemmingsplannen die hiermee in strijd waren. De indieners van een project moeten aantonen dat de normen niet worden overschreden, of dat de situatie door het project in elk geval niet verslechtert. De Raad van State accepteert alleen afwijkingen van de normen als de overheid een gedegen onderzoeksrapport overlegt waarin die afwijking duidelijk wordt gemotiveerd. Als zo’n rapport ontbreekt is de Raad onverbiddelijk. Vervolgens probeerde de staatssecretaris van VROM de Europese richtlijn te ontkrachten door eind maart 2005 met een eigen circulaire met soepeler normen te komen. Maar toen de Raad van State ook dit plan afkeurde koos de bewindsman eieren voor zijn geld en trok hij zijn besluit in april weer in…

Leiden in last!

Opeens werden allerlei bestemmingsplannen door de lagere overheden ingetrokken uit angst dat de EU-luchtkwaliteitsnormen niet gehaald zouden kunnen worden en dat men bij van de Raad van State onderuit zou gaan. Vooral gemeenten en projectontwikkelaars klagen nu steen en been: dankzij de strenge opstelling van de Raad kan er op veel plaatsen niet meer worden gebouwd en kunnen er geen wegen meer worden aangelegd c.q. verbreed. Ook zouden de stedelijke vernieuwingsoperatie in het land gevaar lopen. In Amsterdam kwam wethouder Duco Stadig in grote problemen terecht toen allerlei grote bouwprojecten (de uitbreiding van IJburg, de verbouwing van de het Centraal Station en de woningbouw aan de Ringweg A10) opeens moesten worden opgeschort.

Lobbyen in Brussel

Momenteel voert Nederland een tweesporenbeleid. Allereerst voert men een lobby in Brussel om de strikte EU-regels te verzachten opdat de geplande projecten alsnog kunnen worden uitgevoerd – maar vooralsnog met weinig succes. Ten tweede onderneemt Den Haag actie om de luchtverontreiniging enigszins in te dammen. Dit is mede bedoeld om de Europese Commissie gunstig te stemmen.

Nieuwe luchtkwaliteitsnormen van Rijkswege

De regering heeft nieuwe, strengere normen voorgesteld. Hierbij een greep uit de maatregelen:

Extra milieueisen voor schonere vrachtwagens, bussen, bestelauto’s en taxi’s (roetfilters);
Belastingaftrek en subsidies om schone voertuigen aan te schaffen;
Verlaging van de maximumsnelheid op plaatsen met ernstige luchtverontreiniging;
Een sloopregeling voor oude auto’s;
Stimuleren van schonere bussen en gemeentelijke auto’s in steden (bijvoorbeeld vuilniswagens);
Steun aan ruimtelijke, infrastructurele en verkeerskundige ingrepen van de lagere overheden.

Men kan zich echter afvragen of dit aangescherpte Rijksbeleid geen vorm van symptoombestrijding is. Vermoedelijk zal alleen de ondersteuning van het beleid van de lagere overheden zoden aan de dijk zetten.

Extra geld voor de stedelijke vernieuwing

Nu de milieuproblemen ernstiger blijken dan aanvankelijk was verwacht zijn de gemeenten gedwongen om ingrijpende maatregelen te treffen. Het Rijk heeft een geldpotje van 32 miljoen euro gereserveerd voor de aanpak van luchtverontreiniging in naoorlogse stadsvernieuwingswijken. Wellicht zullen ook de Westelijke Tuinsteden een deel van dit bedrag toegekend krijgen.

Gemeente doet onderzoek

In 2005 heeft de Dienst Milieu- en Bouwtoezicht (DMB) van de gemeente Amsterdam de ‘Rapportage luchtkwaliteit 2003’ uitgebracht. Hierin wordt de luchtvervuiling door wegverkeer onderzocht. Het lijvige onderzoeksrapport heeft betrekking op de periode 2002-2003. Hierin staan berekeningen met behulp van een computermodel, aangevuld met steekproeven op basis van metingen.

De situatie in Amsterdam

Op veel wegen in Amsterdam wordt de EU-luchtkwaliteitsnorm voor stikstofoxide overschreden. Dit geldt met name voor de A10-West in Overtoomse Veld in de omgeving van de Westlandgracht en het wegvak ‘De Kolenkit’- Sloterdijk.
Ook de emissie van fijn stof is op veel plaatsen in Amsterdam nog te hoog.
De overheid loopt bij de aanpak van luchtvervuiling achterstand op. Bij stikstofoxide is het de vraag of de wettelijk vastgestelde grenswaarde nog voor 2010 bereikt kan worden.
Bij fijn stof zijn de problemen het grootst; in Amsterdam had de grenswaarde al in 2005 gehaald moeten zijn!
In ruim opgezette buurten met open bouwblokken zoals in Nieuw-West is de luchtkwaliteit op straat beter dan in wijken met gesloten bebouwing in de vooroorlogse stad aangezien vervuilde lucht in open gebieden nu eenmaal gemakkelijk vervliegt. De plannen van de Bureau Parkstad en de deelraden om bij nieuwbouw in de Westelijke Tuinsteden vaker te kiezen voor verdichtingsbouw met hoge gesloten bouwblokken kunnen voor de luchtkwaliteit op straat een stap achteruit betekenen.

Rol van Schiphol onduidelijk

Er is een factor waar Amsterdam geen invloed op heeft: de zogenaamde achtergrondconcentratie. Dit is de vervuiling door externe factoren. Meestal verwijst men dan naar vervuilde lucht afkomstig van het buitenland. Volgens de onderzoekers van DMB zou met name de achtergrondconcentratie in Amsterdam sterk zijn gestegen. Het rapport baseert zich hier op gegevens van de meetpunten voor luchtkwaliteit. Over het aandeel van de luchtvaart in de luchtvervuiling in Amsterdam wordt overigens met geen woord gerept…

Wat is de gemeente van plan?

Amsterdam stelt voor:

het openbaar vervoer te stimuleren;
meer voorzieningen voor voetgangers en fietsers aan te leggen;
het eigen wagenpark te saneren (experiment met brandstofcelbus);
betaald parkeren uit te breiden;
de snelheid van het verkeer te reguleren;
bedrijfsvervoer te bevorderen.

Milieubeweging wil strengere maatregelen

Milieudefensie vindt dat de gemeente weliswaar een goed rapport heeft gemaakt maar dat hieruit geen consequenties worden getrokken. De overheid zou hogere eisen moeten stellen, zoals:

geen nieuwe asfaltwegen meer aanleggen;
de prijs van dieselolie verhogen;
in elke dieselauto een roetfilter laten plaatsen;
de maximumsnelheid op stadsroutes verlagen;
de stad minder toegankelijk maken voor automobilisten.

De situatie in Osdorp

Volgens de berekeningen van DMB wordt in geheel Amsterdam aan de grenswaarden voor lood (Pb), koolmonoxide (CO), zwaveldioxide (SO2) voldaan;
Bij vrijwel alle doorgaande routes in Osdorp en elders in de Westelijke Tuinsteden worden de wettelijke normen voor stikstofoxide overschreden;
Bij een aantal wegen in Osdorp worden de wettelijke normen voor fijn stof overschreden. Het betreft de Troelstralaan (vrijwel geheel); Ookmeerweg (grotendeels); Osdorper Ban (oostelijk deel); Pieter Calandlaan (tussen Meer en Vaart en Louis Davidsstraat); Baden Powellweg (het wegvak tussen Pieter Calandlaan en Tussen Meer).

Bomen kunnen lucht (deels) zuiveren

Volgens onderzoeker Fred Tonneijck (Universiteit Wageningen) wordt de economische waarde van bomen vaak vergeten. Groen kan een belangrijke rol vervullen bij de bestrijding van luchtvervuiling. Bomen vangen stikstofoxide, ozon, ammoniak, zwaveldioxide en vluchtige organische stoffen op; ze vangen vervuiling af via huidmondjes op de bladeren. Welke stoffen het best kunnen worden afgevangen hangt af van de soort boom en de bladersoort. Brede, dunne bladeren zijn zeer effectief. Bladeren met een dikke huidlaag vangen veel vluchtige organische stoffen weg. Bomen met ruwe, harige bladeren vangen fijn stof op. Verontreiniging wordt het best bestreden met een beplanting van verschillende soorten bomen met verschillende bladeigenschappen. Deze moeten geplant worden in een open structuur om zo goed mogelijk wind te vangen. Bij een juiste toepassing geven bomen 15 tot 20% reductie van fijn stof, 10% minder stikstofoxide en 8% minder ozon. Essentieel is dat bomen niet aan de kant van de weg (‘groene tunnel’) maar dichtbij de bebouwing staan.Op plekken met zeer veel verkeer en vrijwel geen luchtcirculatie (‘hot spots’) kunnen beter geen bomen geplant worden.

Wat kunt u als burger zelf doen?

Laat wat vaker de auto staan. Ga meer wandelen en fietsen of maak gebruik van het openbaar vervoer. En als u de auto tóch gebruikt, trap dan het gaspedaal minder diep in en schakel snel over naar een hogere versnelling. Pas uw snelheid aan en kies voor een rustige rijstijl. Laat de motor niet onnodig stationair draaien.

Meer weten?

- Informatie over luchtverontreiniging door verkeer staat op de website van het ministerie van VROM: http://www.vrom.nl/pagina.html?id=17855#14

- De ‘Rapportage luchtkwaliteit 2003’ kunt u vinden op de gemeentelijke website (PDF-bestand): http://www.dmb.amsterdam.nl/ipp/bijlagen/tekstrapportage/luchtkwaliteit/202003/20inclusief%20tabellen.pdf

mr. drs. R.N.A. Bakker.